|
Van een onzer verslaggevers Willemstad - Conform
de afspraken van de Slotverklaring van 2 november 2006 wordt vandaag een
landsbegroting 2009 gepresenteerd met een positief saldo. Althans géén
negatief saldo, want dat is niet toegestaan. Uitgangspunt is wel - net als
voor 2008, toen de Staten voor het eerst in jaren een sluitende begroting
van de minister van Financiën kregen - dat het leeuwendeel van de
rentelasten in het kader van de schuldsanering door Nederland worden
overgenomen. Door de vertraging, mede als gevolg van het uitblijven van
consensus tussen coalitie en oppositie, ging de schuldverlichting dit jaar
niet door en liet de aangepaste begroting 2008 toch een tekort zien met een
financieringsbehoefte van 106,5 miljoen gulden.
Minister van Financiën Ersilia de Lannooy (PNP) heeft haar begroting voor
volgend jaar, die vandaag tijdens de plechtige opening van het nieuwe
parlementaire jaar officieel wordt aangeboden, ook ‘informeel’ aan het
College financieel toezicht (Cft) verstrekt. ,,Om tijd te winnen”, licht ze
toe, voor als straks de Algemene Maatregel van Rijksbestuur (AMvRB)
tijdelijk financieel toezicht Land, Curaçao en Sint Maarten in werking
treedt. De minister rekent op november. De begroting 2009 staat in het teken
van de gefaseerde ontmanteling van de Nederlandse Antillen, stelt De Lannooy.
,,We willen het zo simpel mogelijk houden.” De afbouw en overdracht vindt
plaats langs de lijnen van de aanbevelingen van de Kerngroep Ontmanteling
Land onder voorzitterschap van Geomaly Martes en de voorlichting van de Raad
van State hierover. Alle taken die de eilanden zelf aan kunnen worden zoveel
als het kan overgedragen, tenzij het in deze fase niet anders mogelijk is en
het Land de taak moet uitoefenen, zoals de grensbewaking, legt de
bewindsvrouw uit. De Lannooy gaat ervan uit dat de BES-eilanden (Bonaire,
Sint Eustatius en Saba) per 1 januari 2009 al hun eigen gang gaan. ,,Als het
juridisch niet anders kan, vallen Nederlandse ambtenaren op deze eilanden
voorlopig nog onder de verantwoordelijkheid van de Antilliaanse minister.”
bron Antilliaans Dagblad
|