|
De politieke stuurgroep is het niet eens geworden over de
nieuwe Rijkswet Politie. Het belangrijkste struikelblok bleek de vraag welke
diensten de nieuwe politiekorpsen van Curaçao, Sint-Maarten en de
BES-eilanden gemeenschappelijk moeten gaan uitvoeren.
Curaçao en Sint-Maarten willen een lossere samenwerking, terwijl Nederland
nu al veel meer wil vastleggen om bijvoorbeeld de integriteit van het
openbaar bestuur en de bestrijding van de grensoverschrijdende criminaliteit
te waarborgen. "We hebben enkele punten van overeenstemming en op enkele
punten nog geen overeenstemming", vat gedeputeerde Sarah Wescot-Williams van
Sint-Maarten de uitkomst van het overleg samen.
Het belangrijkste verschil van mening zit hem volgens haar in de uitwerking
van de gemeenschappelijke diensten. Wescot-Williams staat nog steeds achter
de formulering over samenwerking, zoals die in het Slotakkoord van 2006 is
opgenomen. Maar daarin is niet opgenomen om welke taken het precies gaat en
hoe de samenwerking eruit ziet. "Dat moet nog uitgewerkt worden en daarover
is nog geen overeenstemming."
Toch zijn Wescot-Williams en haar Curaçaose ambtgenoot Zita Jesus-Leito niet
ontevreden over het resultaat van de politieke stuurgroep. "Over heel veel
punten zijn we het met elkaar eens geworden, behalve over de
gemeenschappelijke dienst." Een van de pijnpunten is volgens Jesus-Leito dat
de eilanden willen voorkomen dat hun eigen politiekorpsen worden uitgehold
door de gemeenschappelijke taken. "We hebben gezegd dat het beter is nu even
pas op de plaats te maken."
In augustus wordt er verder gesproken over de overgebleven punten. Curaçao
wil de samenwerking niet vooraf helemaal vastleggen. Jesus-Leito wil dat
overlaten aan de ministers van Justitie, die nu ook al periodiek bij elkaar
komen. "Die praten over allerlei zaken die met criminaliteit te maken hebben
en duiden naar behoefte bepaalde samenwerkingsgebieden aan." Dat is voor
Nederland te vrijblijvend, erkent de gedeputeerde.
Staatssecretaris Ank Bijleveld van Koninkrijksrelaties had gehoopt op alle
punten overeenstemming te bereiken. "Er is geprobeerd er alles uit te halen.
Dat is niet gelukt en dat is jammer." Investeren in de gemeenschappelijke
diensten is voor haar belangrijk, zoals dat ook in de Slotverklaring is
opgenomen.
Centrale opleidingen en de bestrijding van internationale criminaliteit en
terrorisme moeten gemeenschappelijk worden aangepakt, zegt Bijleveld. "Want
sommige korpsen zijn te klein om alles alleen te doen." Zij vindt niet dat
de korpsen van Curaçao en Sint-Maarten dan worden uitgehold: "Het gaat om
volwaardige korpsen met ook opsporingstaken. Dat heb ik vanaf het begin
duidelijk gesteld."
bron RNWO
|