|
Afgelopen zaterdag voer
Sinterklaas met zijn zwarte Pieten hier de Sint Annabaai in. Dat was
eigenlijk een beetje mosterd na de maaltijd want de échte held was een week
daarvoor al in zijn Kayak de haven binnen gevaren. Die held heet Ryan de
Jong. Ryan de Jong is een echte Yu di Kòrsou die nogal graag en veel kayakt.
En omdat Ryan een echte natuurvriend is dacht hij dat het wel leuk was om
tegen betaling een rondje om het eiland te kayakken voor Carmabi, een
natuurorganisatie. In 33 uur zou hij rond moeten zijn. En als je zoals hij
met het grootste gemak 20 uur in zo'n bootje kunt zitten: ach, wat is 33 uur
dan.
Dus daar ging Ryan. Radio
en TV volgden de tocht op de voet, vaak zelfs rechtstreeks. Erg boeiend was
het allemaal niet: hij leek op zo'n tobbedansend bootje uit Ter land ter Zee
en in de Lucht dat er wel héél erg lang over deed om de bel te halen. Maar
daar dacht de rest van het eiland dus heel anders over. Er werd ongelooflijk
meegeleefd met de man: een opspelende schouderblessure was de cliffhanger
van de dag (zou de schouder het halen?), op Playa Kalki stonden honderden
mensen hem op te wachten en later bij de finish in de Sint Annabaai was dat
aantal nog verder toegenomen.
Ryan heeft het gered en
mag zich met recht een volksheld noemen. We hebben het geweten. Elke dag
worden we getrakteerd op spotjes van de tocht, Carmabi is de hipste club van
het eiland geworden en Ryan is inmiddels geadopteerd door de overheid als
beschermheer van ecotoerisme. De opbrengst van de tocht viel wat tegen vond
ik maar dat mag de pret niet drukken: daar schreeuwen we gewoon overheen
want trots is immers niet in geld uit te drukken. Geen kwaad woord dus over
Ryan, want als je niet veel helden hebt dan moet je ze koesteren.
Curaçao snakt naar helden
maar ze zijn er niet. Onlangs was ik bij een discussie-avond waar het thema
heldendom aan de orde was. De 'case' Doktor Da Costa Gomez werd aangehaald
als voorbeeld van een échte held die de bevolking van Curaçao destijds wist
te raken met zijn boodschap van zelfredzaamheid, trots en eigen identiteit.
Iedereen praat met vertedering over die man, of je nou van FOL huize bent of
de PNP aanhangt. Die mensen zijn er niet meer. De pers staat geen helden
meer toe, de politici zijn geen visionairs meer en er is niets meer om voor
te vechten, dat was de conclusie van de avond.
Is dat wel waar? Niets
meer om voor te vechten? De ontwikkelingen van de laatste weken op Curaçao
lijken het tegendeel te bewijzen. Ongekend heftige discussies over de
staatkundige toekomst en zelfs een demonstratie en één gebroken arm. En dan
ook nog eens de luxe van een gemeenschappelijk vijandbeeld: Nederland heeft
het allemaal gedaan. Daar kun je heel negatief over doen maar het geeft ook
aan dat er iets unieks gaande is op het eiland. Hoe je het ook wendt of
keert: dit zijn historische tijden voor het eiland, ergens zou er toch een
held moeten zijn die met al die symboliek aan de haal gaat en het eiland op
sleeptouw neemt?
Aruba bewandelde twintig
jaar geleden hetzelfde pad en hield daar met Betico Croes een volksheld van
de eerste orde aan over. Wij moeten het doen met een graatmager mannetje die
zonder zeeziekte en zadelpijn het eiland rondkayakt. De helden van de
staatkundige vernieuwing zitten nu verpakt een logo, een reclamecampagne en
een voorlichtingskrant. De tijd zal leren of dat voldoende was
Bron:
antilliaans.caribiana.nl
|