Leeflang gaat voorstel bedrijfspensioen aanpassen

Rate this post

Onafhankelijk Statenlid Omayra Leeflang zegt toe haar voorstel voor de invoering van een verplicht bedrijfspensioen aan te zullen passen en opnieuw in te dienen. Dit doet zij na kritiek van de Raad van Advies (RvA) op haar voorstel.

In haar advies stelt de RvA onder meer dat het initiatiefvoorstel onsamenhangend, onvoldoende onderbouwd is en tevens nauwelijks voldoet aan de kwaliteitseisen waaraan wettelijke regelingen dienen te voldoen. Het voorstel gaat uit van een verplicht bedrijfspensioen van minimaal 4 procent, waarvan de werkgever 2 procent voor zijn rekening moet nemen. Het voorstel geldt voor ieder bedrijf met een omzet van meer dan 30.000 gulden per jaar en heeft als doel om te voorkomen dat werknemers na hun pensioen alleen van hun algemene ouderdomsverzekering (aov) afhankelijk zijn.

Volgens Leeflang heeft zij kennis genomen van het advies van de RvA en zal zij nu haar strijd voor een rechtvaardig pensioen blijven voortzetten. “Volgens de Raad is er nog veel werk dat verricht moet worden en dient er ook een onderzoek onder ondernemers te worden gevoerd. Maar werk is nooit een probleem voor mij geweest en daar zal de strijd voor een rechtvaardig pensioen worden voortgezet.”

Leeflang geeft aan dat zij met experts zal overleggen over de volgende stappen, om zo snel mogelijk een aangepast voorstel in te kunnen dienen. “De visie voor een rechtvaardig pensioen kan niet worden stopgezet. Er zijn nu te veel mensen die na dertig tot zelfs veertig jaar werken slechts 800 gulden per maand krijgen als pensioen. Als wij niet met een rechtvaardig pensioen komen, dan loopt 60 procent van de jongeren die op dit moment werken kans om op oudere leeftijd na hun pensionering in armoede te moeten leven.”

Het onafhankelijk Statenlid benadrukt in haar reactie dat het als parlementariër niet makkelijk is om zelf een wet te maken. Je hebt geen dienst die voor je werkt. Je hebt geen consultant noch fondsen om een onderzoek te betalen. Je moet dus professionelen zien te vinden die bereid zijn om op vrijwillige basis voor het goede doel te werken.” Leeflang stelt hulp aangeboden te hebben gekregen om de nodige aanpassingen aan het wetsvoorstel mogelijk te maken. Reden voor haar om de strijd voor een rechtvaardig pensioen niet op te geven.